Samos

Wandelen

We proberen ook wat te wandelen. De reisgidsen beschrijven vooral dagtrips, of een-richting tochten waarbij je met de bus of taxi weer terug naar het vertrekpunt gaat. Beide zijn eigenlijk niet geschikt voor kinderen. Dus stellen we maar zelf een aantal wandelingen samen. Volgens de boekjes is vooral de noordkust ten westen van Kokkari interessant, vanwege zijn natuur. Hier vindt men de vallei der nachtegalen en het bergdorpje Manolates. We besluiten hiet zelf onze wandeling uit te zetten. Uit een eerdere poging om boven Samos-stad te wandelen weten we, dat we ons niet moeten verkijken op de hoogte die we stijgen of dalen. Dat kunnen Manous en Fabian gewoon niet lang volhouden. Op de kaart van Samos zoeken we daarom naar een traject dat niet te lang is en niet te veel hoogtelijnen kruist. Zo'n traject is het de weg tussen Stavrinides en Manolates. De kaart geeft aan dat het een 'scenic route' is, dus laten we daar maar eens gaan kijken. En inderdaad, het uitzicht op de noordkust is geweldig. De zon schijnt, het is niet al te warm, dus perfect wandel weer. We starten in Stavrinides en komen rond lunchtijd in Manolates aan. In een taverna eten we onze Horiatiki met brood en voor Fabian een omelet. We kijken even in het dorpje rond. Overal staan de huisjes weer tegen elkaar aan gebouwd en lopen er kriskras smalle steegjes tussen de huisjes door. Vaak staat de voordeur open en kun je gewoon bij de mensen binnenkijken (wat de kinderen dus ook doen). In een geval levert ze dat een snoepje van een oud Grieks vrouwtje op. Na de lunch lopen we hetzelde traject (het enige) weer terug. Als ik later op de kaart kijk, zie ik dat we ongeveer 8 kilometer hebben gewandeld. Dat is een behoorlijk afstand voor de kiddoos. Knap hoor!

De dag voor ons vertrek lopen we een traject boven Kokkari. We lopen vanaf de het appartement eerst langs de zee, en vinden al gauw het paadje dat ons 'omhoog' leidt. Dit is een onverhard pad, dat flink stoffig is. Telkens als er een auto passeert, zijn we even in een stofwolf gehuld. Het blijkt dat boven Kokkari een klein plateautje verscholen ligt, waar een aantal mensen wonen. Dat lopen we ook voorbij, en dat komen we in een mooi sappig groen stukje bos. Af en toe wordt ons een mooi uitzicht gegund: Kokkari, de zee erachter en tenslotte de Turkse kust aan de overzijde. We komen daar helemaal niemand tegen. Pas als we weer op de terug weg naar beneden zijn, komt ons een jager tegemoet. Die heb je hier dus ook.